SCHRIJVEN 2F OEFENEXAMEN

 

LET OP: EEN SCHRIJFEXAMEN BESTAAT UIT 3 OPDRACHTEN. JE MOET ZE IN 1 UUR KUNNEN SCHRIJVEN. 

  • Elke opdracht wordt met je besproken en voor elke opdracht krijg je een beoordeling.
OPDRACHT 1 – 2F – AFSPRAAK

Je wilt afspreken met een vriend(in). Je wilt iets leuks gaan doen. Je stuurt hem/haar daarom een e-mail. Je moet zelf bedenken wat je gaat doen.

In je mail:
– beschrijf je wat je wilt gaan doen;
– waar je dat wilt doen;
– wanneer en hoe laat je dat wilt doen.

Schrijf de e-mail.
Zorg dat het duidelijk is aan wie je de e-mail schrijft en van wie de e-mail komt.

OPDRACHT 2 – 2F – HOBBY

Je hebt een hobby. Je zoekt andere mensen om samen je hobby mee te doen. Je schrijft een berichtje voor een krantje. Je moet zelf verzinnen welke hobby je hebt.

In je berichtje schrijf je:

– wat je wilt gaan doen;
– waar je dat wilt gaan doen;
– wanneer je dat wilt gaan doen;
– hoe vaak je dat wilt gaan doen;
– wat voor soort mensen je zoekt;
– hoe mensen kunnen reageren op jouw berichtje.

OPDRACHT 3 – 2F – VAKANTIE

Je bent net terug van vakantie. Een vriendin heeft je onderstaande e-mail gestuurd.

Van… simone@likos.nl
Aan… kandidaat@mail.nl
CC…
Onderwerp: Hoe was je vakantie?

Hoi!

Hoe was je vakantie? Ik ga binnenkort ook. Denk je dat jouw bestemming ook iets voor mij is?

Tot snel!

Groetjes, Simone

Jij mailt haar terug In je e-mail:
– schrijf je waar je bent geweest;
– beschrijf je hoe het was;
– noem je twee voordelen en twee nadelen van jouw bestemming (je moet zelf iets verzinnen);
– schrijf je of je denkt dat het iets voor Simone is. Je beschrijft ook waarom je dat denkt (je moet zelf iets verzinnen). Schrijf de e-mail.

Zorg dat het duidelijk is voor wie de e-mail is en van wie de e-mail komt. Kies ook de juiste toon.

OPDRACHT 4 – 2F – ADVIES BIJ PESTEN

Een broer van een vriend(in) wordt gepest. Je schrijft een brief aan deze vriend(in).

In je brief schrijf je:
– waarom je denkt dat deze broer gepest wordt;
– wat jij vindt van het pesten;
– geef je advies om het pesten te laten stoppen. Geef minimaal twee mogelijke advierzen (je moet zelf iets verzinnen).

  • Schrijf de brief.
  • Zorg dat het duidelijk is voor wie de brief is en van wie de brief komt. Kies ook de juiste toon.
OPDRACHT 5 – 2F – ACTIE GOED DOEL

Het bedrijf waar jij werkt organiseerde vorig jaar een actie voor een goed doel, maar dit jaar niet. Je bent het hier absoluut niet mee eens. Je hebt besloten een een e-mail te sturen naar naar jouw manager. De informatie mag je zelf verzinnen.

In je e-mail:
– leg je uit waarom je schrijft;

– geef je minimaal twee argumenten waarom je het niet eens bent met het besluit om dit jaar geen actie te organiseren;

– geef je één voorbeeld waarom het goed zou zijn een actie te organiseren;

– vertel je waarom je juist dit doel wilt steunen;

– geef je minimaal drie voorbeelden van acties die je school kan organiseren.

Het doel van je e-mail is jouw supervisor van jouw mening te overtuigen.

OPDRACHT 6 – Voetbalclub

Sinds een jaar ben je lid van voetbalclub AFC Niffo’s. Afgelopen week zijn daar helaas weer spullen. vernield. Bij SC Oost-West heeft vorig jaar ook zoiets plaatsgevonden; zij hebben hier maatregelen tegen genomen.

Voetbalclub AFC Niffo’s heeft een website; je besluit dat er actie moet worden ondernomen. Daarom schrijf je een tekst voor deze website. Het doel van je tekst? Je wil je teamgenoten oproepen om dit probleem op te lossen! (Het doel van je tekst moet voor de lezer direct duidelijk zijn).

In je tekst:

  • beschrijf je wat er is gebeurd. Je geeft minimaal één voorbeeld van iets dat is vernield;
  • leg je kort uit wat jouw mening hierover is;
  • beschrijf je minimaal vier maatregelen die voetbalclub Oost-West in een vergelijkbare situatie heeft genomen.

Schrijf je tekst. Je moet de gevraagde informatie zelf verzinnen.

OPDRACHT 7 – 2F – DANCEFEEST

Binnenkort organiseert het bedrijf waar jij stage loopt (of als BBL-student werkt) een dancefeest. Met het geld dat hiermee wordt verdiend wordt geld ingezameld voor een bevriend bedrijf in een ander land. Dat bedrijf heeft geld nodig om nieuw gereedschap aan te schaffen. Het bedrijf waarvoor jij werkt, wil dat zoveel mogelijk werknemers naar het dancefeest komen. Je schrijft een uitnodiging voor op de website van jouw bedrijf.

In de uitnodiging:

  • vertel je waar en wanneer het dancefeest is;
  • vertel je hoeveel een entreekaartje kost. Leg ook uit hoe wat er met het geld wordt gedaan; noem het goede doel en geef nog één voorbeeld;
  • Noem minimaal drie muzieksoorten die op die avond te horen zullen zijn;
  • vertel je waarom iedereen moet komen. Geef hiervoor minimaal twee argumenten;
  • leg je uit waar of hoe werknemers zich kunnen aanmelden.

Schrijf de uitnodiging. Je mag de informatie zelf verzinnen.

OPDRACHT 8 – 2F – VERSLAG OVER JE OPLEIDING

Je hebt je opleiding bij …. afgerond. Je schrijft voor je docent een verslag (in een e-mail) over hoe het is gegaan. Ook beschrijf je wat je plannen voor de toekomst zijn.

In het verslag:

  • Vertel je allereerst wat voor soort bedrijf … is;
  • noem je minimaal twee werkzaamheden die je moest doen;
  • schrijf je wat je van het werk vindt dat je bij … uitvoert;
  • beschrijf je minimaal twee dingen die tijdens je opleidingsperiode goed zijn gegaan;
  • geef je ook een voorbeeld van iets dat je moeilijk vond;
  • beschrijf je wat je na je opleiding wil gaan doen. Geef hiervoor minimaal twee redenen.

 

OPDRACHT 9 – 2F – DIERENASIEL  

Je werkt bij een dierenasiel. Je wilt graag dat studenten hier stage komen lopen. Daarom schrijf je een artikel voor een opleiding van een ROC. De informatie verzin je zelf.

In het artikel:

  • vertel je wat jouw beroep is;
  • vertel je wat je allemaal doet op een werkdag. Noem minimaal drie dingen;
  • noem je wat je leuk vindt aan jouw beroep;
  • noem je wat je moeilijk vindt aan jouw beroep;
  • overtuig je studenten om bij het bejaardentehuis stage te komen lopen. Geef minimaal twee redenen.

 

OPDRACHT 10 – 2F – REFLECTIEVERSLAG 

Je hebt voor je opleiding een onderzoeksopdracht uitgevoerd naar het internetgedrag van je collega’s. Hiervoor heb je tien collega’s geïnterviewd. Je schrijft een reflectieverslag over de opdracht. De informatie verzin je zelf.

In je verslag:

  • geef je aan wat het doel van jouw project was;
  • beschrijf je hoe en waar je de interviews hebt uitgevoerd;
  • beschrijf je wat opvallend was aan de interviews;
  • noem je minimaal drie dingen die goed gingen en een ding dat minder goed ging;
  • geef je je mening over de medewerking van je collega’s. 
  • beschrijf je wat je de volgende keer anders zou doen en hoe je dat zou aanpakken. 

 

OPDRACHT 11 – 2F Jouw leerwerkbedrijf heeft een nieuwe bedrijfslocatie  

Het bedrijf waar je werkt opent binnenkort een nieuwe bedrijfslocatie. Voor alle BBL-studenten wordt een rondleiding georganiseerd. De directeur heeft jou gevraagd een aankondiging op de bedrijfswebsite te zetten.

  • Je beschrijft de aanleiding voor je bericht.
  • Wie zijn uitgenodigd voor deze dag.
  • Vanaf welk tijdstip is iedereen welkom?
  • Wat is het adres van de nieuwe bedrijfslocatie?
  • Bedenk wat er tijdens de rondleiding is te beleven; je beschrijft drie activiteiten.
  • Je sluit de uitnodiging passend af.

 

OPDRACHT 12 – 2F –  Stageverslag

Je hebt je opleiding bij jouw leerwerkbedrijf bijna afgerond. Je schrijft voor je stagebegeleider een e-mail over hoe het is gegaan. Ook beschrijf je wat je plannen voor de toekomst zijn.

In het verslag:

  • Bedank je allereerst je stagebegeleider voor zijn begeleiding;
  • noem je minimaal twee werkzaamheden die je sinds vorige week regelmatig zelfstandig uitvoert;
  • schrijf je met welke werkzaamheden je nog moeite hebt;
  • beschrijf je wat er vanaf het begin van je opleiding direct goed ging;
  • geef je een voorbeeld van iets ongewoons dat je hebt meegemaakt;
  • beschrijf je hoe je daarop reageerde.

 

OPDRACHT 13 – 2F – Solliciteren

Het gaat niet zo goed met het bedrijf waar je nu werkt. De manager is erg autoritair en luistert niet naar zijn werknemers. Wat een klote sfeer daar! Je hebt een besluit genomen: weg hier! Je moet dus ergens anders solliciteren. Je stuurt per e-mail een sollicitatiebrief naar het bedrijf waar je graag wilt werken.

In je e-mail: 

  • leg je uit dat je werk zoekt als …. (noem de functie waarnaar je solliciteert);
  • Noem twee redenen waarom je solliciteert (houd het zakelijk, niet klagen over je huidige werkgever);
  • leg uit met welke werkzaamheden jij ervaring hebt (noem er drie);
  • waar ben je echt goed in ? (beschrijf twee persoonlijke kwaliteiten);
  • waarom kies je nou net voor dit bedrijf?
  • je sluit passend af.